Mensenhandelaren gaan bewust op zoek naar kwetsbare personen. Personen die in een zorginstelling verblijven zijn, ondanks hun beschermde woonomgeving, kwetsbaar voor werving. Om zicht te krijgen op de aard en omvang heeft het EMM een analyse uitgevoerd van opsporingsonderzoeken naar werving voor uitbuiting van personen woonachtig in zorginstellingen. De bevindingen van deze dossieranalyse zijn weergegeven in een factsheet.

Relatie slachtoffer-verdachte

De meeste slachtoffers zijn geworven tijdens het verblijf in de zorginstelling. Het gaat vaak om minderjarige Nederlandse meisjes, die in de meeste gevallen zijn geworven door meerderjarige Nederlandse mannen. De verdachte is vaak een bekende van het slachtoffer. Het gaat vooral om (ex-)partners en (bekenden van) vrienden, kennissen of familieleden. Een kleiner deel van de slachtoffers kent de verdachte via de zorginstelling waar ze woonachtig zijn, als medebewoner en een enkele keer als medewerker van de zorginstelling.

Type zorginstellingen

De meeste slachtoffers wonen op het moment van werving in jeugdzorginstellingen, gevolgd door zorginstellingen voor personen met een beperking en opvanglocaties voor slachtoffers van mensenhandel. De meeste slachtoffers verblijven in een open zorginstelling. Een kleiner deel van de slachtoffers is geworven tijdens of vlak na het verblijf in een gesloten zorginstelling. Een derde van de slachtoffers is een korte of langere periode weggelopen uit de zorginstelling voorafgaand aan of tijdens de werving voor uitbuiting.

Onderkennen van signalen

In iets minder dan de helft van de opsporingsonderzoeken heeft de zorginstelling signalen van uitbuiting onderkend. In een vergelijkbaar deel is niet duidelijk of de zorginstelling signalen heeft onderkend, ook niet als slachtoffers een korte periode zijn weggelopen. In de overige onderzoeken was signalering door de zorginstelling niet mogelijk, omdat de slachtoffers al langere tijd vermist waren uit de zorginstelling of omdat ze sinds kort niet meer in de zorginstelling verbleven op het moment van werving voor uitbuiting.